Castratie reu

 

Vaak krijgen wij de vraag of het noodzakelijk is om een reu te castreren. Daar is niet een pasklaar antwoord op. Aan castratie zitten voor- en nadelen en als het eenmaal is gedaan kan het niet meer ongedaan worden gemaakt. We zetten daarom de voor- en de nadelen voor u op een rijtje.

 

Vanuit medisch oogpunt gezien is en voordeel van castratie dat op latere leeftijd de kans op het ontwikkelen van prostaatkanker lager is. Tevens daalt het aantal voorhuidontstekingen na castratie.

 

Wanneer de hond seksueel gefrustreerd is en dit toont door op allerlei voorwerpen, tegen uw been of tegenover uw bezoek rijgedrag vertoont zal castratie een goede oplossing zijn. Ook wanneer uw hond zich zeer agressief opstelt tegen andere niet gecastreerde reuen kan castratie helpen. Honden die wegloopgedrag vertonen laten dit in 66% van de gevallen na castratie achterwege.

 

Heeft u twee ongecastreerde reuen in huis die het niet eens kunnen worden over wie van de twee er nu de baas is, dan kan castratie van de minst dominante hond helpen de rangorde duidelijker te maken, waardoor het vechten ophoudt.

 

Erg drukke honden kunnen na castratie rustiger worden waardoor ze in en buitenshuis beter door u te hanteren zijn.

 

Er zijn echter ook wat nadelen aan castratie verbonden. Het meest voorkomende negatieve effect van castratie is dat de stofwisseling wat trager kan worden. Indien u het dieet van uw hond daar niet op aanpast zal de hond dus dikker worden.

 

Verder zien we bij een klein deel van de honden een vachtverandering na castratie. Bij de meeste reuen is dit slechts tijdelijk ten gevolge van de veranderde hormoonspiegel maar bij een klein deel is de verandering blijvend. De ondervacht veranderd waardoor bijvoorbeeld de waterdoorlaat-baarheid anders kan zijn. Wanneer u met uw hond werkt of naar tentoonstellingen gaat moet u hier wel degelijk bij stil staan.

 

Een enkele hond wordt na castratie erg sloom.

 

Indien u twijfelt of castratie de oplossing is kunt u overwegen om een zogenaamde chemische castratie te laten uitvoeren: door middel van een injectie is de hond tijdelijk steriel en kunt u uitproberen of het u bevalt, echter het effect van de injectie is niet altijd even goed te beoordelen. U kunt dan eventueel nog een tweede injectie overwegen. Tevens is het mogelijk om de hond tijdelijk steriel te maken door middel van een implantaat onder de huid ter grootte van een chip dat gedurende zes maanden steriliteit geeft, echter dit implantaat dat vanzelf oplost heeft niet altijd invloed op het gedrag.

 

Hoe gaat de operatie in zijn werk?

Nadat uw hond onder algehele narcose is gebracht, plaatsen wij een tube in de luchtpijp voor het toedienen van zuurstof en narcosegas, waardoor de diepte van de slaap goed is te regelen. Tevens krijgt uw hond een injectie met antibiotica en een injectie met een pijnstiller.

 

De huid tussen scrotum en penis wordt geschoren en het hele gebied wordt gewassen en gedesinfecteerd. Daarna wordt het gebied afgedekt met steriele doeken.

 

De chirurg begint door de operatie door tussen scrotum en testis een snede te maken. Via deze snede worden een voor een de beide testikels naar buiten gebracht en afgebonden. Vervolgens wordt het buikvlies gesloten en wordt de onderhuidse laag gehecht. De huid tenslotte hechten wij intra-dermaal, dat wil zeggen in de huid waardoor aan de buitenzijde geen hechtingen zichtbaar zijn. Incidenteel zit er alleen nog en extra sluitknoopje aan de buitenkant. De hond hoeft na de operatie geen kraag om omdat hij niet bij de hechtingen kan komen. Indien hij de extra hechting eruit haalt is dat niet erg: eronder zit immers en volledig dichte ritssluiting! Vervolgens mag de hond lekker bijkomen in onze opname.